|
Kenmerken
De beuk is een onmisbare boom in de Nederlandse bossen. Veel bossen
zijn ontstaan of aangeplant met beuken. Ook werd vroeger de lanen naar
landhuizen of kastelen vaak aangeplant met beuken.
Beuken kunnen uitgroeien tot flinke bomen. De hoogst gemeten beuken ooit
in Nederland waren 46 meter hoog. Ze kunnen ruim 300 jaar oud worden.
Naast dat de beuk een bekende bosbewoner is wordt deze vaak aangeplant
in haagvorm.
De schors van de beuk is dun en glad. Hierdoor is de beuk erg gevoelig
voor zonnebrand. Bij snoeien van de boom of flink terugknippen van een
haag moet daarmee rekening gehouden.
Bladeren
De glimmende ovale bladeren hebben een duidelijke
veervormige nerfstructuur. Ze hebben een gladde soms wat golvende rand
en worden tot zo'n 10 centimeter lang
Zaden
De beuk laat in het najaar zijn beukennootjes vallen. Dit zijn
driehoekige nootjes die meestal per tweetal in een bruin kort stekelig
omhulsel zitten die bestaat uit 4 zijden. Vaak vallen deze uit elkaar
zodat de nootjes vrij komen.
Standplaats
De beuk kan op bijna alle in Nederland voorkomende grondsoorten
groeien. Ze houden van een schaduwrijke standplaats vanwege de kans op
zonnebrand op de stam.
Verspreiding
In heel Nederland is de beuk een veel voorkomende en gebruikte boom
voor parken, hagen, bossen, tuinen en lanen. De boom komt voor het
grootste gedeelte voor in midden Europa. In het uiterste zuiden en een
groot deel van het noorden van Europa komt de boom niet voor.
Weetje
Beukennootjes zijn eetbaar nadat de "schil" verwijderd is maar pas
op bij grote hoeveelheden. Door de ligt giftige blauwzuur is dit af te
raden.
Beukenhout is zeer geschikt voor meubelen.
De beuk kent ook een rode variant die veel in parken en grote tuinen is
gebruikt.
|
|