|
|
Boompieper
(Anthus trivialis)

© M. ten Wolde

© M. ten Wolde |
Kenmerken
De boompieper lijkt erg op de graspieper. Beide vogels zijn ongeveer zo
groot als een mus. De boompieper is iets steviger gebouwd. Aan het
geluid en gedrag zijn ze nog het meest te onderscheiden van de
graspieper. Wanneer ze opvliegen van een struik laten ze zich vaak onder
luid gezang neerstrijken op een andere struik of boom. Hierbij vallen de
brede vleugels en de wijdt uit elkaar staande staartveren extra op. De
borst van de boompieper is licht gekleurd met donkere vlekken. Op de
zijkant zijn duidelijk de lichte lijnen te zien die de opgeklapte
vleugels sieren.
Broedgedrag
Ondanks wat de naam doet vermoeden bouwt de boompieper het nest in
lage begroeiing of op de grond. Al vanaf maart kunnen de boompiepers
druk in e weer zijn met het bouwen van het nest. Meestal worden pas in
mei en juli de eieren gelegd. Alleen het vrouwtje broedt de gevlekte
eieren uit. Na zoŽn 13 dagen broeden worden de jongen door beide ouders
verzorgt en gevoed waarna ze na nog zoŽn 13 dagen het nest verlaten
Voedsel
Insecten.
Trekgedrag
De boompieper is een trekvogel. Vanaf maart zijn ze weer in
Nederland te zien om te broeden. In oktober verlaten ze
Nederland weer en trekken naar zuidelijk gelegen gebieden. |
|