|
|
Distelvlinder (Vanessa cardui)

© E. Bruulsema
|
Kenmerken
Onmiskenbaar. De zwarte driehoekige vlek in de
punt op de voorvleugel onderscheidt de Distelvlinder van de, eveneens in
ons land voorkomende, Kleine Vos. Tevens
lijkt de Distelvlinder enigszins op de parelmoervlinders. De
Distelvlinder heeft echter een zwarte punt met witte vlekken aan zijn
voorvleugels. De onderkant van de vleugels is bruingemarmerd met een
paar grote blauwe oogvlekken aan de rand. De Distelvlinder is een trekvlinder.
Hij komt voor op open en droge plaatsen (graslanden, wegbermen, parken
en tuinen) en is vrijwel overal algemeen.
Rups
De eieren worden aan de onderkant van een blad één voor één afgezet.
Hieruit komen rupsen die tot 40 mm groot worden en lichtgrijs tot donker zwartgrijs
zijn en lichte ruglijnen hebben.
De vlinder zet zijn eitjes voornamelijk af op kruisdistel (Cirsium
vulgare), moesdistel (Cirsium oleraceum) en andere distelsoorten. Tevens
legt hij zijn eitjes op de brandnetel (Urtica dioica), muskaasjeskruid (Malva
moschata) en andere kruidachtige planten.
Weetjes
De Distelvlinder komt oorspronkelijk uit Afrika, ten noorden van de
Sahara. De eerste vlinders bereiken in maart de landen rond de
Middellandse Zee. Hier beginnen ze met de voortplanting. De tweede
generatie bereikt in mei en juni ons land. Ook in ons land brengen ze
nog één of twee generaties voort. Een deel van deze vlinders trekt in
het najaar weer naar het zuiden. Helaas kan de vlinder in het noorden en
midden van Europa niet overwinteren i.v.m. de strenge winters |
|