|
|
Grote Bonte Specht
(Dendrocopos Major)

© E. Bruulsema (boven: Grote Bonte Specht vrouw / rechts:
man)
|
Kenmerken
De grote bonte specht is een van de drie bonte spechten in
Nederland. We kennen de kleine bonte specht, middelste bonte specht en
de grote bonte specht waarvan de laatste de grootste is met ongeveer de
grootte van een merel. Ze zijn duidelijk te herkennen de zwart, rode en
witte kleuren. Met wat fantasie is aan de zijkant van de kop een X te
herkennen. Het mannetje heeft een rode vlek achterop het hoofd. Het
vrouwtje heeft deze vlek niet. Meestal hoor je de bonte specht voordat
je ze ziet aan het korte geroffel of de hoge korte roep (kiek) als ze
worden opgejaagd. De bonte specht komt bijna in elk soort bos voor. Soms
zie je ze zelfs midden in de stad waar een rij oude grote bomen staat.
Broedgedrag
Alle spechten zijn holenbroeders, ze broeden in een oud hol of een
zelf gemaakt hol. De 5-7 eieren worden in april/mei gelegd en meestal
door het mannetje uitgebroed. Na een broedperiode van 10-12 dagen worden
de jongen nog zo'n 20-25 dagen door de ouders verzorgt.
Voedsel
In de zomer is het voedsel voornamelijk insecten en andere kleine
diertjes die tussen het hout worden gepikt. In de winter bestaat het
voedsel uit zaden. Vooral de zaden uit dennenappels. Ze maken dan vaak
gebruik van zogenaamde smitsen. Dit zijn bepaalde plaatsen waar de
specht de dennenappels open kraakt.
Trekgedrag
Onze bonte spechten blijven in de winter voor het grootste deel in
ons land. Pas in heel strenge winters willen ze wel eens gaan trekken. |
|