![]() |
||||||||||||
|
|
Home | |||||||||||
Kleine Strandloper
(Calidris minuta)![]() © E. Bruulsema |
Kenmerken De kleine strandloper is de kleinste van de steltlopersfamilie. Hij heeft een kleine ronde kop en een fijne zwarte snavel. Ze worden circa 15 cm lang en hebben een spanwijdte van rond de 28 cm. Het geluid van de kleine strandloper is een hard, droog tik, trip of ti-ti-trip. Broedgedrag Deze strandloper broedt in het hoge noorden. Het nest bestaat uit een ondiep kuiltje op de grond, dicht bij het water. Ze leggen één keer per jaar zo'n vier eieren. Dit vindt plaats van mei tot juli. Voedsel Het voedsel van de Kleine strandloper bestaat uit kleine diertjes. Hierbij gaan ze niet diep het water in, maar blijven langs de waterkant. Trekgedrag Tijdens de trek zijn ze in Nederland waar te nemen. Het meest van mei tot oktober. In het najaar worden er meer gezien dan in het voorjaar. Je kunt ze dan aantreffen op modderige oevers en op de wadden. Vaak in de nabijheid van Bonte Standlopers. |
|||||||||||
|
Vlinders |
||||||||||||
|
Reptielen |
||||||||||||
|
Bomen |
||||||||||||
|
Bloemen |
||||||||||||
|
Insecten |
||||||||||||
|
Libellen |
||||||||||||
|
Paddenstoelen |
||||||||||||
|
© 2006-2007 onderwijs.2metdenatuur.nl martin.2metdenatuur.nl erwin.2metdenatuur.nl |
||||||||||||