Home Flora Fauna Nieuw Links Contact Shop
Regenwulp (Numenius phaeopus)


© E. Bruulsema

Kenmerken
De Regenwulp wordt 37 tot 45 cm groot. De snavel is korter als die van de gewone Wulp. De Regenwulp heeft een 6 tot 9 cm lange snavel. De spanwijdte was 78 tot 88 cm. Hij is in zijn geheel kleiner als de gewone Wulp. Hij is tevens herkenbaar aan de Donkere oogstreep met lichte wenkbrauwstreep en de lichte streep over het midden van de kop.

Broedgedrag
Ze broeden voornamelijk in hoogvenen van taiga, boven de boomgrens van bergheiden en in de toendra. Het nest bestaat uit een ondiep kuiltje in de grond. Deze wordt gevoerd met gras. Ze leggen tussen april en juli één keer eieren. Dit zijn er meestal vier.

Voedsel
Bij het foerageren zoekt hij met zijn snavel in de modder op zoek naar wormen, krabben, weekdieren, zeesterren en insecten.

Trekgedrag
Tijdens de trek zijn ze bij ons in Nederland te zien. Dit is het meest in april en mei en juli en begin september. Ze overwinteren in Afrika op rotsige kusten.

 


Vogels


Vlinders


Zoogdieren


Reptielen


Amfibieën


Bomen

Bloemen

Insecten

Libellen

Paddenstoelen


Overige

© 2006-2007       onderwijs.2metdenatuur.nl      martin.2metdenatuur.nl      erwin.2metdenatuur.nl