|
|
Sijs
(Carduelis spinus)
.jpg)
© E. Bruulsema (hiernaast
foto: M. ten Wolde)
|
Kenmerken
De sijs is een kleine vogel met een lengte van 12 cm. Hij valt op
door de groengele en zwarte kleuren. Het mannetje heeft een zwarte vlek
op de kop. De kleurige vlakken worden wat minder onderbroken door de
zwarte vlekken. De sijs heeft een stevige snavel waarmee hij zaden open
kan kraken. Vaak in gemengde groepen te zien met de putter en barmsijs.
De sijs komt bijna in heel midden en noord Europa voor. Buiten het
broedseizoen zie je ze vaak op berken en elzen. Daar doen ze zich te
goed aan de zaden. In de winter willen ze ook wel eens op
voederplaatsen komen.
Broedgedrag
Enkele tientallen jaren geleden was de sijs nog een vrij zeldzame
broedvogel. In de jaren daarna is het aantal gestaag geklommen.
Tegenwoordig zit het aantal ruim boven de 2000 broedpaar. Het
nest wordt meestal hoog in een naaldboom gebouwd. Het bestaat uit fijne
takjes en mos. In de maanden april-juni worden er meestal twee legsels
gelegd. De broedtijd is ongeveer 10-13 dagen waarin de 4-5 eieren worden
uitgebroed. Beide ouders verzorgen de jongen voor nog zo'n 13 dagen
waarna ze het nest verlaten
Voedsel
zaden, insecten
Trekgedrag
Meestal blijft de sijs hier overwinteren. Ze vormen dan vaak
groepen. Vaak met putters en barmsijsen. De exemplaren die Nederland
verlaten in de winter zijn voor april/mei weer terug om te broeden. |
|