|
|
Spreeuw
(Sturnus vulgaris)

© E. Bruulsema
|
Kenmerken
De spreeuw is tegelijk een opvallende en onopvallende vogel.
Opvallend om zijn verschillende kleuren die het verenpak in de zomer
heeft en onopvallend omdat je eigenlijk niet omkijkt als je een spreeuw
ziet.
De spreeuw is met zijn 22 cm lengte wat kleiner dan de merel. Ze zijn vaak te zien in grote
groepen bij elkaar. In de winter zijn ze ook vaak te zien samen met
kramsvogels.
Broedgedrag
Spreeuwen zijn holenbroeders. Ze bouwen hun vrij rommelige nest in
holen in bomen of onder dakpannen. Het nest wordt gebouwd van hooi en
stro. Om de binnenkant lekker zacht te maken voor de eitjes wordt het
nest bekleed met mos, veertjes, blaadjes en als ze de kans krijgen wol
en papier. Als het nest klaar is worden er 4 - 7 blauwgroene eieren
gelegd. Soms zijn ze bedekt met roodbruine stippen.
Voedsel
insecten, larve, wormen, vruchten, bessen
Trekgedrag
Standvogel. Spreeuwen vormen na de broedtijd soms
enorme zwermen. Vaak foerageren ze in weilanden en overnachten
in bomen. |
|