Kenmerken
Het veenbesblauwtje is een echt blauw vlindertje. Het mannetje is
aan de bovenzijde diep violet-blauw en het vrouwtje is bruin met
blauwe vlekken. (Zie foto open vleugels). Op de onderzijde van de
vleugels is een kenmerkend stippenpatroon zichtbaar. Op de
onderzijde van de achtervleugel zit een opvallende grote oranje, met
blauwe vlek. Deze vlek komt alleen bij Veenbesblauwtjes voor Voorkomen
In Nederland zijn ze ernstig
bedreigd en komen ze maar op een paar plaatsen voor bij vennetjes. Deze
plaatsen worden zo geheim mogelijk gehouden, zodat het risico op
verstoren van de populatie zo klein mogelijk blijft. Dit vlindertje is
namelijk zeer kwetsbaar. Komt nog wel voor in grote delen van Denemarken
en kleine gebieden in Duitsland.
Rups
De
rups is klein en groen en valt niet echt op. De verschillende stadia die
zicht opeenvolgend voordoen zijn: eitje (ca. 9 dagen), rups (ca. 330
dagen), pop (ca. 18 dagen), vlinder (ca. 7 tot 14 dagen)
Waardplant
De waardplant van deze soort zijn veenbes, lavendelheide, rijsbes en
kraaiheide. Per dag besteden de vlinders circa 90 % van de tijd aan het
zoeken naar voedsel. Dit voedsel halen ze uitsluitend uit gewone
dopheide. Weetjes
Ze vliegen in één generatie per jaar, tussen half juni en half juli.
Dit is erg kort. Ze overwinteren als halfvolgroeide rups in het veenmos
of tussen afgevallen bladeren. |